Geschreven door Hilda

Ken je het nummer ‘8 Days before Christmas’? Ik niet. Ik kom niet verder als “8 days before christmas ladieladiela…”. Maar dat is wel precies het gevoel wat ik heb bij het inpakken voor Nepal.

 9 Days before Nepal

Op de 9de dag voor Nepal loop ik door mijn huis. Spulletjes verzamelen voor de reis. Toilettas opduikelen uit een kast, wasmiddel voor op reis, regenjack uit de kast. Kamer in, kamer uit. De kat loopt mauwend achter mij aan. Ik zet de kat naar buiten. Vijf minuten later staat de kat mauwend voor de deur omdat ze naar binnen wilt. Weer vijf minuten later wilt ze weer naar buiten. “Kat, je maakt me gek!” Bij de gangkast sta ik te kijken naar mijn schoenen. “Welke zal ik meenemen?” Ik zie een kattenluik liggen pak het kattenluik en de rest van de dag ben ik bezig een kattenluik te instaleren.

Op de 8ste dag voor Nepal ga ik verder met het klaarleggen van spullen. Ik pak wat kleding uit mijn kast. “Wat is mijn kledingkast eigenlijk vol?” Waarna ik de kledingkast ga opruimen en een vuilniszak vol kleding klaarzet voor de kledingcontainer. Ik loop langs de keuken en bekijk de kat. Ze zit voor het kattenluik, ze snapt het niet. Op handen en knieën ga ik naast haar zitten. Ik duw het kattenluik open en laat het weer dichtvallen. Duw haar met kop en al tegen het kattenluik. Leg brokjes achter het kattenluik. Na een kwartier voel ik dat mijn rug koud en stijf is. De kat snapt het nog steeds niet. Ik ga zuchtend staan. Zie een afwas op het aanrecht en ga afwassen.

Ik loop naar mijn jas op de gang. Met mijn hand voel ik in mijn binnenzak voor mijn paspoort. Geen paspoort. “Dat is vreemd. Dacht toch echt dat hij in m’n jas zat?” Ik ga naar mijn bureau, trek het laatje open waar mijn paspoort ligt. Geen paspoort. “Oke, oke. Niet in paniek raken.” Ik kijk onder de bank, zoek al mijn broeken na in de was en in de kast. Ik kijk onder mijn bed, ik ga systematisch door mijn huis. Trek elke la, doos en kast open. Zoek achter, onder en tussen elk meubel, hoekje, gaatje, en spleetje. Opzoek naar mijn paspoort. Alles trek ik open. Mijn huis op z’n kop en geen paspoort.

De 7de dag voor Nepal. Naar het gemeentehuis voor een nieuw paspoort.

“Hallo mevrouw, ik kom een nieuw paspoort aanvragen. “

“Heeft u legitimatie.”

“Nee, dat was mijn paspoort. Die ben ik kwijt.”

“Heeft u iets anders om u mee te legitimeren?”

“Ik heb hier een kaart met een foto en mijn geboortedatum.”

“Ja, ja. Hoe bent u uw paspoort kwijt geraakt.”

“Geen idee. Hij was niet meer op de locatie waar die hoort.”

“Hoe lang bent u uw paspoort al kwijt.”

“Ik weet het sinds gisteren.”

“Wat is de laatste bekende plaats waar uw paspoort zich bevond?”

“De binnenzak van mijn jas.”

“Wanneer heeft u uw paspoort voor het laatst gezien?”

“Dat ik het zeker weet? 5 december.”

“U kunt uw paspoort morgen ophalen.”

De 6de dag voor Nepal. Bij het gemeentehuis haal ik mijn paspoort op. Thuis is de kat nergens te bekennen. Ik fluit. Niets. Ik fluit nog eens. Ik hoor gemauw. Het komt van buiten. “aaah, je snapt eindelijk het kattenluik!” Klagend gemauw. Ik kijk naar het kattenluik. De kat staat voor het kattenluik maar komt niet naar binnen. “Kom dan.” Weer klagend gemauw. Ze snapt het niet. Ik ga weer op handen en knieën zitten. Na een kwartier geef ik het op en duw het kattenluik voor haar open. Ze rent dankbaar naar binnen en gaat haar brokjes eten.

De 5de dag voor Nepal. Ik ga mijn tas inpakken. Mijn blik glijdt door mijn huis. “Wat een bende!” Alles ligt overal, als resultaat nog van een ongeslaagde zoekjacht op mijn paspoort. Beetje bij beetje raap ik één voor één dingen van de grond en zet ze terug waar ze horen. De kat kijkt hooghartig vanaf haar plateau op haar krabpaal toe.

De 4de dag van Nepal. “Ik ga op reis en neem mee…? Ik weet het niet meer.” Op facebook bij de groep voor de reizigers vind ik de paklijst. Eindelijk begin ik mijn backpack in te pakken.

De 3de en 2de dag voor Nepal. Ik pak mijn tas verder in. Doe boodschappen en zorg er voor dat mijn huis en de kat klaar zijn voor mijn vertrek. De kat zit voor het kattenluik en kijkt naar buiten

De 1ste dag voor Nepal. Ik ben op de koffie bij mijn ouders. Mijn vader vraagt me naar mijn plannen in Nepal. Ik vertel hem het programma. Hij pakt er een laptop bij en samen kijken we via Google Earth naar Nepal. Met de functie streetview bekijken we een bezienswaardigheid die ik zal gaan bezoeken.

Hij sleept het oranje poppetje naar het blauwe stipje, de foto laad en dan… Met een roetsj jagen er kriebels door mijn maag. Alsof een kolonie vlinders opeens tussen mijn ingewanden vliegen. “Ik ga morgen naar Nepal.” Mijn backpack staat klaar.